Werkontwikkelbedrijven begeleiden 112.300 mensen, financiering blijft achter bij opgave

• Cedris

Werkontwikkelbedrijven hebben in 2025 in totaal 112.300 mensen begeleid naar of in werk. Daarbinnen voerden zij circa 33.000 ontwikkeltrajecten uit voor onder anderen mensen uit de Participatiewet, statushouders en schoolverlaters. De behoefte aan ondersteuning groeit harder dan het aanbod en sluit de financiering niet altijd aan bij wat nodig is om mensen duurzaam aan het werk te helpen. Dat blijkt uit de Cedris Sectorinformatie 2025.

Werk betekent meer dan inkomen

Werkontwikkelbedrijven ondersteunen mensen die extra begeleiding nodig hebben om aan het werk te komen, zich te ontwikkelen en duurzaam mee te doen op de arbeidsmarkt. Zij ondersteunen inmiddels 56 procent van alle mensen die met loonkostensubsidie werken. Van alle beschutwerkplekken in Nederland wordt zelfs 82 procent via een werkontwikkelbedrijf gerealiseerd.

De betekenis daarvan gaat verder dan werk alleen. Werk biedt mensen inkomen, maar ook kansen om zich te ontwikkelen, zelfstandig te zijn, anderen te ontmoeten en mee te doen in de samenleving. Die waarde voor mens én samenleving draagt bij aan brede welvaart.

Mohamed el Mokaddem, voorzitter van Cedris: “Achter deze cijfers staan duizenden mensen die met de juiste ondersteuning hun talenten kunnen inzetten. Werkontwikkelbedrijven brengen die talenten, ontwikkeling en werk bij elkaar. Daar hebben mensen zelf, werkgevers én de samenleving baat bij.”

Behoefte aan ondersteuning groeit

De Sectorinformatie laat zien dat de behoefte aan ondersteuning blijft toenemen. Eind 2025 wachtten naar schatting 5.600 mensen met een positief advies beschut werk nog op een passende werkplek. Ondanks een toename in het aantal beschut werkplekken, zijn dat er 500 meer dan een jaar eerder. Ook het aantal mensen dat met loonkostensubsidie werkt, blijft groeien.

Daarmee verandert de groep mensen die werkontwikkelbedrijven ondersteunen. Het aantal medewerkers uit de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) neemt verder af, terwijl het aantal mensen vanuit de Participatiewet groeit. Bovendien verandert ook de rol van werkontwikkelbedrijven in de ontwikkeling van mensen. De circa 33.000 ontwikkeltrajecten in 2025 onderstrepen die bredere rol.

El Mokaddem: “Nog steeds zijn er duizenden mensen die willen en kunnen werken, maar die daarvoor de juiste ondersteuning nodig hebben. In een arbeidsmarkt waarin werkgevers mensen zoeken, kunnen we het ons niet veroorloven om hun talent onbenut te laten.”

Investeren werkt, maar financiering sluit nog niet overal aan

In 2025 zijn belangrijke stappen gezet om de sociale infrastructuur te versterken. Het kabinet heeft met nieuwe investeringen in beschut werk en de sociale infrastructuur erkend dat begeleiding, ontwikkeling en passende werkplekken noodzakelijk zijn om meer mensen duurzaam aan het werk te helpen. Tegelijkertijd verbeterde het operationele resultaat van werkontwikkelbedrijven. Samen is dat terug te zien in de financiële resultaten: het totale tekort van de sector daalde van 140 miljoen euro in 2024 naar 50,5 miljoen euro in 2025.

Toch blijven er belangrijke financiële knelpunten bestaan. Vooral voor medewerkers uit de banenafspraak die in dienst zijn van werkontwikkelbedrijven is sprake van een structureel financieringstekort. Gemiddeld bedraagt dit tekort ruim €11.700 per fte. In totaal loopt het tekort voor deze groep op tot circa €65 miljoen. Daardoor staat de ondersteuning van een groeiende groep medewerkers onder druk.

Om ook in de toekomst meer mensen duurzaam aan het werk te helpen, zijn zowel toereikende structurele investeringen van het Rijk als meer inclusieve werkplekken bij werkgevers nodig. Alleen met die combinatie kan de groeiende groep mensen die ondersteuning nodig heeft blijven rekenen op passende begeleiding, ontwikkeling en werk.

Samen verder bouwen aan een inclusieve arbeidsmarkt

Volgens Cedris maken de cijfers duidelijk dat de infrastructuur van werkontwikkelbedrijven steeds belangrijker wordt voor een inclusieve arbeidsmarkt. Meer mensen vinden met ondersteuning hun weg naar werk en ontwikkeling, terwijl tegelijkertijd meer mensen een beroep doen op die infrastructuur.

Dat vraagt om voldoende en structurele financiering én om meer mogelijkheden voor mensen om duurzaam bij reguliere werkgevers aan de slag te gaan. Een goede samenwerking tussen werkgevers, gemeenten, werkontwikkelbedrijven en het Rijk is daardoor des te belangrijker.

El Mokaddem:

“We zien wat investeren in werk oplevert. Tegelijkertijd groeit de groep mensen die ondersteuning nodig heeft sneller dan de mogelijkheden die er nu zijn. Als we willen dat meer mensen duurzaam kunnen meedoen op de arbeidsmarkt en daarmee ook in de samenleving, moeten ondersteuning, werkplekken en financiering met die ontwikkeling meegroeien.”